Ponderosa Party Cover
Bonanza:
The Ponderosa Party Time LP


RCA Victor LPM/LSP-2583 (SF-7520)

1962

Niet meer te koop!



Ik ben er bijna zeker van, dat je niet wist dat Ben Cartwright en zijn drie zonen konden zingen, dansen en musiceren. Klopt, he!

Er zijn vier enthousiaste acteurs met hun eigen NBC TV serie! Een is bijdehand, nummer twee is leuk, de derde is gevoelig en de laatste is wat sullig. Op de achterkant van de hoes van hun eerste LP wordt niet alleen veel ophef gemaakt over het feit dat ze kunnen zingen, maar ze bespelen ook hun eigen instrumenten. Ja, ja, wie kunnen dat nu anders zijn dan de acteurs van "Bonanza"?!

Misschien heb je ooit het geluk mogen proeven om de originele eerste aflevering van "Bonanza" in 1959 te mogen zien en horen. Want toen zongen de vier Cartwrights - rijdend te paard, richting de camera - de titelsong van "Bonanza". Niet dat de kijkers hier wild enthousiast van werden. In tegendeel. Hun zangkunsten werden bij aflevering twee snel vervangen door de nu overbekende "Bonanza"-tune, gespeeld tegen de al even bekende brandende kaart. Maar dat zingen van de vier Cartwrights bleef toch hangen bij de heren van NBC en RCA (de platenmaatschappij van NBC), en na een aantal jaren van succes - "Bonanza" was ondertussen al uitgegroeid tot een van de bekendste en beroemdste televisieseries, en niet alleen van Amerika - werd in dat zingen weer nieuwe leven geblazen en resulteerde uiteindelijk in dit album. Het is geen soundtrack (het bevat zelfs niet eens de gezongen versie van de "Bonanza"-tune), maar het is een op zich zelf staand album, met als subtitel "Ponderosa Party Time!" Het is zaterdagavond op de Ponderosa Ranch. Gewoonlijk is dit de tijd dat Hoss in bad zou gaan, maar dit keer zijn alle buren langs gekomen voor een groot, muzikaal feest. De Cartwright boys zingen beurtelings hun favouriete westernliedjes, zoals "Skip To My Lou" en "In The Pines," en tussen de liedjes wordt er heel wat afgekletst: grapjes maken over de taille van Hoss, ruzie maken over wie er nu gaat zingen, en erg geheimzinnig doen over familiebanden. Dit alles wordt echter wel behoorlijk saai als je wat vaker naar de plaat luistert. Maar als jouw idee van een goede tijd een zaterdagavond is op een eenzame ranch, ergens in het Wilde Westen, met vier man in 't leer en geen vrouwen, dan heb je met deze LP een grandioze avond!

Top zanger van de groep is Pernell Roberts (Adam), die met zijn velourse stem, welke wat weg heeft van een stem van een jongenskoor en zijn exacte vroeg-Engelse uitspraak een zeer gevoelig "Early One Morning" neerzet. Het jaar daarop zong Pernell op het vervolg van deze LP "Christmas on the Ponderosa". Tevens bracht hij een solo album uit met folk songs ("Come All Ye Fair And Tender Ladies"). Beide grammofoonplaten werden op het RCA Victor-label uitgebracht. Aan het eind van het zesde seizoen van "Bonanza" (1964-1965) verliet Pernell Roberts de televisieserie "Bonanza", omdat hij het gevoel had, dat hij door de rol van Adam Cartwright artistiek gezien bleef steken. Resultaat was echter, dat hij vrijwel onmiddellijk in de vergetelheid verdween. Voor presentator Johnny Carson een mooi excuus om hem jarenlang het middelpunt te maken van zijn grappen. Gelukkig wist Pernell zich weer gerespecteerd als acteur toen hij in 1979 de hoofdrol ging vervullen in de serie "Trapper John, M.D.". Door zijn baard en zijn kale hoofd leek Pernell in niets meer op zijn vroegere creatie Adam Cartwright. En dat was nu precies wat hij wilde bereiken. Adam Cartwright lag voor Pernell Roberts ver achter hem.

Dan Blocker (Hoss) kan niet echt zingen. Daarom doet hij op het album eigenlijk hetzelfde als in de westernserie "Bonanza": hij zorgt voor de komische afwisseling. Half zingend, half sprekend laat hij de luisteraar kennis maken met nieuwe liedjes als "Sky Ball Paint" (een lied over een paard; het zorgde ervoor, dat "Riders In The Sky" weer populair werd) and "The Hangin Blues" (een geestig wijsje over een lynchpartij). Hij brengt deze liederen in een hoog tempo, waarbij regelmatig veel geestige opmerkingen door de andere Cartwrights worden gemaakt over zijn onvermogen om de lage noten te kunnen zingen. De reusachtige Texaan heeft zijn stem op nog een paar andere grammofoonplaten laten horen, waaronder de onontbeerlijke LP "Christmas on the Ponderosa" en een album voor kinderen. Echter, zijn platenpresentaties bestonden toch meestal uit het gesproken woord.

Michael Landon (Little Joe) was de enige Cartwright die al eerder een grammofoonplaatje had opgenomen. Met zijn dromerige kijk in de wereld en zijn atletische bouw (hij had gehoopt voor een carriere in de sport, maar door een gescheurde gewrichtsband ging dit voor hem helaas niet door), was Landon een prima kandidaat voor tiener-idool. Het weekblad "TV Guide" beschreef hem zelfs als "Kookie with chaps". Michael Landon vervulde de hoofdrol in de bizarre klassieker "I Was A Teenage Werewolf" als hij zijn eerste single in de geluidsstudio opneemt, het vreselijk irriterende "Gimme A Little Kiss (Will Ya, Huh?)" voor het label Candlelight Records. Noch een korte tour met Jerry Lee Lewis kon er in 1957 een hit van maken, noch zijn "Bonanza" beroemdheid joeg mensen de winkels in om de single te kopen als deze in 1961 voor een tweede keer wordt uitgebracht, maar nu op het label van Fono-Graph. De single flopt aan alle kanten! Op de "Ponderosa Party" LP, neemt Michael Landon de smachtende, romantische balladen ("Careless Love," "Shenandoah") voor zijn rekening, welke hij nogal vlak en met een rockabilly-achtige toon zingt. Na de LP "Christmas on the Ponderosa", neemt Michael Landon nog een keer een single op, namelijk "Linda Is Lonesome" (RCA, 1964). Volgens zijn dochter zorgde uiteindelijk het gedwongen dansen en zingen met Brooke Shields in een NBC Bob Hope Special ervoor, dat Michael besloot nooit meer te zingen en zich voortaan alleen nog maar te bepalen tot het acteren. Een heel verstandig besluit!

Dit brengt ons tot slot dan bij de enige Cartwright die, dankzij de "Bonanza" LP's er een muzikale carriere aan over kon houden, nl. Lorne Greene (Ben). Op zeer gevoelige wijze weet hij de betekenisvolle liederen als "My Sons, My Sons" en "The Place Where I Worship" (de A and B kant van de enige single welke van deze LP werd uitgebracht) op het vinyl vast te leggen. Lorne Greene heeft moeite met de hoge noten (een eigenaardig bokkig geluid is dan het resultaat), maar de lage noten brengt hij heel soepel en melodieus, iets wat je wel mag verwachten van een voormalige Canadese radio nieuwsreporter. Lorne Greene en zijn zoetvloeiende lage stem zouden nog op zeven solo LP's, een aantal soundtracks, en meer dan een dozijn singles, inclusief de zonderlinge nummer 1 hit "Ringo" (RCA, 1964) verschijnen. Het laatste is een westernlied, waarvan de tekst op een zangerige toon wordt gebracht. Rhino Records heeft ooit eens aangegeven dat dit lied een van de vroegste voorbeelden is van hoe een blanke niet kan rappen!

Bovenstaande geeft een aardig beeld van deze LP (ondanks zijn perfecte staat van dienst binnen de showbiz, mocht Hop Sing (acteur Victor Sen Yung) niet optreden op deze plaat). Voordat we de Ponderosa gaan verlaten wil ik toch nog twee interessante items noemen met betrekking tot de westernserie "Bonanza" en deze LP "Ponderosa Party Tiime!":
1) De reden waarom de drie Cartwright broers zo verschillend zijn heeft te maken met het feit dat ze alledrie verschillende moeders hadden. Volgens Ben stierf Adam's moeder Elizabeth in het oosten, werd de moeder van Hoss (Inger) gedood tijdens een aanval van Indianen en kwam de moeder van Little Joe (Marie) te overlijden door een val van het paard op de Ponderosa Ranch.
2) Op de B-zijde van deze LP wordt duidelijk dat het hier gaat om een verjaardagsfeest voor Ben, die nooit zijn echte geboortedag heeft geweten, omdat alle officiele familiedocumenten in een brand verloren waren gegeaan.


Terug naar de songs/CD's pagina Michael Landon singing of terug naar de "Bonanza" Discografie De Cartwrights